Marc mag de eerste week van de zomervakantie, samen met zijn beste vriend Joost, kamperen. Er wordt een tent achter de boerderij van de ouders van Joost gezet en het weekje kamperen kan beginnen. Echter verandert het leuke weekje kamperen al zeer snel in een vreselijke nachtmerrie wanneer de jongens door een gat in de tijd terecht komen in het jaar 1944. Hier ontmoeten ze Hendrikus. Terwijl ze samen op zoek gaan naar een manier om terug te komen naar hun eigen tijd worden ze geconfronteerd met de angsten en dreigingen van de tweede wereldoorlog. Hoe komen ze terug? En welke gevaren hangen de jongens boven het hoofd?